In de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw werd het 60-meter superjacht New Horizon van Abraham van Leeuwen, beter bekend als Prins de Lignac, diverse keren uitgeroepen tot mooiste schip ter wereld. Zelfs de luchtroosters waren van goud en gasten die een nachtje aan boord resideerden, kregen als herinnering steevast een gouden tandenborstel mee naar huis. Fotograaf Peter Smulders toog in de zomer van 1990 naar de chique haven van Monaco om de prins aan boord van de New Horizon te ontmoeten. “Een ervaring om nooit meer te vergeten…”

Rotterdammer Abraham van Leeuwen stierf in 2001 op 82-jarige leeftijd in de Spaanse badplaats Malaga. De grondlegger van onder meer het Nederlands Talen Instituut (NTI) en Lecturama liet een geschat vermogen na van 219 miljoen euro. Daarvan ging 35 miljoen (plus de 12 miljoen die de New Horizon bij verkoop opbracht) als erfenis naar zijn levenspartner Hans Verver. De rest doneerde Van Leeuwen aan de door hem zelf opgerichte charity-foundation Van Leeuwen/Van Lignac.
Als captain of industry hield Abraham van Leeuwen er een excentrieke levensstijl op na. Hij riep zichzelf uit tot ‘Prins de Lignac’ en ook tot ‘Hertog Soveria Simeri’, leefde als een vorst en vertoefde graag in de wereld van de jetset. Zijn megajacht, gebouwd door de toonaangevende Nederlandse werf Royal van Lent/Feadship, was hiervan de ultieme onderstreping.

Business Class

In de zomer van 1990 werd de bekende fotograaf Peter Smulders (61), verwoed watersporter en inmiddels zelf in het bezit van een prachtig motorjacht van Thomasz Yachts uit Sneek, door de prins uitgenodigd om hem in de jachthaven van Monaco te bezoeken.
“Ik heb,” aldus Smulders, “in mijn leven al heel wat bijzondere fotoreportages in binnen- en buitenland gemaakt. Maar het bezoek aan Abraham van Leeuwen zal ik nooit vergeten. De prins had net een autobiografisch boek geschreven; dat wilde hij promoten. Daarom nodigde hij mij en journalist Peter Contant uit. Toen wij ons meldden op Schiphol om in te checken, werden we op de schouder getikt door een intermediair.

Een aardige man, ingehuurd door de prins om ons te begeleiden. Van Leeuwen, die de reis betaalde, had geregeld dat we Business Class konden vliegen. Weet nog dat ik in het vliegtuig zat met Sören Lerby en Willeke Alberti, die destijds een appartement in Nice hadden. Ik kende Sören goed omdat hij bij PSV voetbalde en ik daar toen vaak fotografeerde. Sören en Willeke reisden Economy Class en zij snapten er helemaal niks van dat wij, als persjongens, Business Class zaten!”

Rolls Royce cabrio

De ‘persjongens’ werden opnieuw verrast toen ze aankwamen op de luchthaven van Nice. Smulders: “We wilden een autootje huren om naar Monaco te rijden, maar wat schetste onze verbazing? Voor de hoofdingang van de luchthaven stond een Rolls Royce in cabrioletuitvoering voor ons klaar. Erachter stond een tweede auto om onze koffers te vervoeren. In die Rolls met open dak, en vlak achter ons die volgauto, zijn we toen als een stel koningen naar het jacht van de prins gereden. Geweldig om eens in zo’n limousine langs een zonovergoten Cote d’Azur te glijden.”
Eenmaal op het jacht wordt Smulders overweldigd door een overvloed aan pracht en praal. “Het kon niet op. Alles was van goud en de meest vermaarde interieurdesigners hadden zich naar hartelust mogen uitleven. De prins verklaarde zijn voorkeur voor goud door te zeggen dat andere materialen, zoals koper, ‘duurder’ waren. Volgens hem moest je koper drie keer per dag poetsen. Op termijn zou hem dat aan arbeidsloon meer kosten dan de eenmalige aanschaf van het uiteraard duurdere goud. Ach ja, de man had zo zijn eigen ideeën. Ik kan me ook herinneren dat ik de ‘French Room’ kreeg toegewezen. Met een badkuip, gehakt uit een groot stuk marmer. Je keek op die boot je ogen uit.”

Witte handschoentjes

Wat Smulders ook opviel was het bedienend personeel: “De prins had aan boord een peloton Sri Lankese boys rondlopen. Die jongens droegen prachtige kostuums met epauletten op de schouders en witte handschoentjes. Dat maakte veel indruk. De prins betaalde die jongens vorstelijk en ze studeerden ook op kosten van de prins. Als tegenprestatie wilde hij natuurlijk wel optimaal bediend worden. Die jongens waren meteen ook zijn ‘liefjes’. Van Leeuwen was een oversekste nicht op leeftijd. Ontzettend aardig hoor, maar hij sprak over weinig anders dan zijn ontembare homoseksualiteit.”
’s Avonds was er aan boord van de New Horizon een groot diner. Smulders: “Ik was naar Monaco gekomen om foto’s te maken. Maar de prins had bevolen dat ik naast mijn fototoestellen, zeker mijn smoking niet moest vergeten. En zo zat ik dus ’s avonds in vol ornaat met de prins, Peter Contant en die intermediair te eten. Achter elk van ons stond een eigen bediende. De prins had sowieso drie chef-koks aan boord: één voor het personeel, één voor de captainscrew, en één voor zichzelf.”

Nachtleven

Na het diner vinden Smulders en Contant het welletjes en besluiten ze het nachtleven van Monaco te verkennen, de prins op de boot achterlatend. “Hij adviseerde ons een goede nachttent waar we ons zouden kunnen vermaken. En zo werden wij in die Rolls Royce cabriolet afgezet voor de deur van de chicste discotheek van Monaco. Je snapt dat wij door zo’n entree helemaal ‘de king’ waren. We voelden ons een beetje opgelaten en wilden onze drankjes zelf betalen. Maar dat lukte helemaal niet, de rekening ging automatisch naar de prins.”
De volgende dag vertrekt Peter Smulders. Bijna twintig jaar later is hij het bliksembezoek aan Abraham van Leeuwen, alias Prins de Lignac, nog niet vergeten. “Het was een heel bijzondere trip. Alleen jammer dat ik niet echt mooie foto’s van het schip heb kunnen maken. De New Horizon lag tussen twee andere boten ingeklemd waardoor ik alleen de achterkant van het schip heb kunnen fotograferen. Maar dat imposante jacht staat me nog altijd helder op het netvlies. Zoals ook de herinneringen aan die gekke Abraham van Leeuwen me dierbaar zijn.”

Reactiemogelijkheid uitgeschakeld